Biocracked
Approach 4, conceptual metaphor, in palette D, bold color field.

A single AA-style cylindrical battery, shown as a real physical object with a matte metal casing, stands upright at the center of a saturated tomato-red seamless paper backdrop. Its top half is bright and glossy, while the lower half is scuffed and dull. A thin, crisp line of electric green liquid light fills the clear gauge window along its side, stopping about three-quarters of the way up. Three smaller, identical dead batteries lie tipped over in the foreground, slightly out of focus, to suggest the rival compounds. The camera sits at a low three-quarter angle with a shallow depth of field. A hard, warm key light from the upper left casts a sharp, long shadow across the red surface. The mood is punchy and skeptical: one cell charged, the others spent.
Supplements

NMN vs NR vs NADH: één verbetering in uithoudingsvermogen, geen verlichting van vermoeidheid

Nova Chen · · 5 min read

Je neemt een NAD+-booster omdat je je moe voelt. Een recente netwerkanalyse suggereert dat dit precies het enige effect is dat ze niet betrouwbaar leveren.

De studie, gepubliceerd in Frontiers in Nutrition door Gao en collega‑onderzoekers van de Beijing Sport University, vergeleek verschillende NAD+-precursors op diverse uitkomstmaten die met vermoeidheid te maken hebben. Ze ontdekten dat de supplementen elk een ander effect hebben, maar dat geen van de stoffen een duidelijk verlichtende werking op vermoeidheid laat zien.

De studie: wat is precies gedaan?

Het team voerde een systematische review en een netwerk‑meta‑analyse uit volgens de PRISMA‑NMA‑richtlijnen en registreerde de protocollen in PROSPERO (CRD420251237193). Een netwerk‑meta‑analyse maakt het mogelijk om behandelingen met elkaar te rangschikken, zelfs als er weinig directe vergelijkingen tussen studies beschikbaar zijn.

  • Inclusie: 27 studies (25 gerandomiseerde gecontroleerde trials en 2 quasi‑experimentele studies)
  • Deelnemers: in totaal 1.599 volwassen personen
  • Stoffen: nicotinamide‑riboside (NR), nicotinamide‑mononucleotide (NMN), NADH en nicotinamide (NAM)
  • Uitkomstdomeinen: waargenomen vermoeidheid, cognitieve prestaties, sportprestaties (uithoudingsvermogen en kracht), kwaliteit van leven (QoL) en slaapkwaliteit

Resultaten worden gerapporteerd als gestandaardiseerde gemiddelde verschillen (SMD); hogere waarden duiden op een groter effect. De rangschikking werd bepaald met behulp van SUCRA‑scores. De auteurs geven aan geen commerciële of financiële belangenconflicten te hebben.

Rangschikking per domein

De auteurs betogen dat het antwoord op de vraag "welke booster werkt?" afhangt van het doel dat je voor ogen hebt.

Uithoudingsvermogen: NMN pakt het, en het effect neemt toe met de dosis

NMN toonde een dosis‑afhankelijke verbetering in uithoudingsvermogen:

  • Middeldosis: SMD = 0,66 (95 %‑CI 0,09–1,23)
  • Hogedosis: SMD = 1,02 (95 %‑CI 0,43–1,60)

Volgens gangbare criteria wordt een SMD van ongeveer 1,0 beschouwd als een groot effect, waardoor dit een opvallende bevinding is. De betrouwbaarheidsintervallen zijn echter breed, vooral bij de middeldosis, waar de ondergrens bijna op nul ligt.

Cognitie: NADH levert de meeste winst, met een belangrijke kanttekening

NADH gaf de sterkste verbetering in cognitieve prestaties (SMD = 1,50, 95 %‑CI 0,82–2,19), maar vooral in cohorten met reeds bestaande cognitieve achteruitgang. De auteurs wijzen erop dat dit resultaat gevoelig is voor invloedrijke studies; het weglaten van één of enkele trials kan het effect aanzienlijk verkleinen of zelfs laten verdwijnen. Het is dus een veelbelovend signaal, maar nog geen definitieve conclusie, en het geldt vooral voor mensen met een cognitieve aandoening, niet voor gezonde volwassenen die simpelweg een mentale boost zoeken.

Kwaliteit van leven: gematigde winst, voornamelijk door NMN

QoL verbeterde matig, en dat vooral dankzij NMN:

  • Hogedosis: SMD = 0,56 (95 %‑CI 0,14–0,98)
  • Lagedosis: SMD = 0,45 (95 %‑CI 0,11–0,78)

De twee dosiscategorieën lijken qua effect vergelijkbaar, waardoor er geen duidelijk dosis‑respons patroon zichtbaar is zoals bij uithoudingsvermogen.

Kracht: geen effect

Neuromusculaire kracht bleef ongewijzigd. Wat NMN ook deed voor het uithoudingsvermogen, het had geen invloed op de maximale kracht.

De verrassing: vermoeidheid en slaap bleven onveranderd

De belangrijkste negatieve bevinding is dat geen enkele precursor een significant effect had op waargenomen vermoeidheid of slaapkwaliteit.

NAD+-boosters worden vaak gepromoot als energie‑supplementen, omdat een disfunctie in het NAD+-afhankelijke energiemetabolisme wordt gezien als een belangrijke oorzaak van vermoeidheid. Toch rapporteerden deelnemers in de samengevoegde data zich niet minder moe, ondanks de gemeten verbetering in uithoudingsvermogen bij NMN.

De auteurs beschrijven vermoeidheid als een multidimensionaal verschijnsel met cognitieve, fysieke en subjectieve componenten. Een supplement kan één component veranderen zonder de andere te beïnvloeden. De data suggereren dat NAD+-precursors het fysieke vermogen kunnen verhogen zonder dat de dagelijkse subjectieve vermoeidheidsgevoelens veranderen.

Waarom dit gebeurt is onduidelijk; mogelijke verklaringen zijn onder andere:

  • Subjectieve vermoeidheidsscores zijn gevoelig voor meetruis;
  • De studiedeelnemers waren mogelijk niet ernstig vermoeid;
  • Veel trials waren klein van opzet;
  • De supplementen beïnvloeden simpelweg de subjectieve beleving van moe niet.

En wat met NR?

NR is wellicht de meest besproken precursor, maar de samenvatting meldt geen opvallende winst in één van de getestte domeinen. Dat betekent niet dat NR zinloos is; de volledige paper moet worden geraadpleegd voor een gedetailleerde weergave van de resultaten. In de abstract komen alleen de duidelijkste signalen naar voren: NMN voor uithoudingsvermogen en QoL, NADH voor cognitie.

Belangrijke beperkingen

  • Heterogene, overwegend kleine trials. Het combineren van verschillende populaties, doseringen, behandelingsduur en meetinstrumenten vergroot de onzekerheid.
  • Dosiscategorieën gedefinieerd door de auteurs. De abstractie geeft geen exacte milligram‑cut‑offs voor “laag”, “middel” en “hoog”. Als indicatie liggen de gebruikte NMN‑doses vaak tussen de 250 – 1 200 mg per dag.
  • Cognitief resultaat van NADH is fragiel en beperkt tot cognitief aangetaste groepen.
  • Gemengde opzet. Twee van de 27 studies waren quasi‑experimenteel en niet gerandomiseerd.
  • Indirecte vergelijkingen. Een netwerk‑meta‑analyse rangschikt behandelingen deels via inferentie; de rangschikking is daarom geen vervanging voor een grote, directe vergelijking.

Praktische take‑aways

Dosis: Het sterkste bewijs is de dosis‑respons voor NMN op uithoudingsvermogen, met een groter effect bij hogere doses. Controleer de volledige tekst of de individuele trials voor specifieke doseringen; meer is niet automatisch veiliger.

Timing: De abstractie behandelt niet het tijdstip van inname, de relatie met maaltijden of training, dus er is momenteel geen evidence‑based advies over timing.

Wie er mogelijk baat bij heeft:

  • Volwassenen die hun uithoudingsvermogen willen verbeteren – hier gaf NMN het duidelijkste signaal;
  • Personen die een bescheiden kwaliteit‑van‑leven‑boost zoeken, met realistische verwachtingen;
  • Klinisch onderzoekers of patiënten met cognitieve achteruitgang die NADH willen onderzoeken als experimentele optie.

Wie sceptisch moet blijven:

  • Iedereen die een NAD+-booster koopt om zich minder moe te voelen of beter te slapen – er is geen bewezen effect;
  • Iedereen die op een sterke toename in kracht hoopt – kracht bleef onveranderd;
  • Zwangere of zogende personen, en mensen met een medische aandoening of die medicijnen gebruiken, moeten altijd eerst een arts raadplegen (algemene voorzorgsmaatregel, geen bevinding van deze studie).

Conclusie

Deze analyse ondersteunt een veel bescheidener verhaal dan de marketingbeloftes. NMN heeft de sterkste evidentie voor een verbetering van uithoudingsvermogen, met een bescheiden effect op de kwaliteit van leven. NADH toont een voorlopig positief signaal voor cognitieve prestaties, maar alleen bij mensen met een bestaande beperking. Geen van de onderzochte precursors leverde meetbare verbetering in de subjectieve beleving van vermoeidheid of slaap. De auteurs pleiten voor een precisie‑aanpak waarbij de juiste stof, dosis en populatie worden afgestemd op het gewenste resultaat.

Original study

Read the original research on pubmed.ncbi.nlm.nih.gov →

This article summarizes published research for general information. It is not medical advice.

NC

Written by

Nova Chen

Nova Chen writes for Biocracked: biohacking science, longevity & human performance.

Related Articles

Approach 3, the human outcome, in palette D, a bold color field.

Close-up of an older adult's bare upper arm, seen from a slightly high three-quarter angle, with a blood pressure cuff wrapped snugly above the elbow. The cuff is matte graphite grey with a coiled rubber tube trailing out of frame. The arm shows real skin texture, freckles and fine creases, and the face is out of frame. The backdrop is a saturated, flat tomato-red wall. A small electric green LED glows on the cuff's digital monitor at the edge of the frame, with its display blurred and unreadable. Soft, even studio light comes from the left, with gentle shadows and no blue cast. Shallow depth of field keeps the cuff edge and skin pores sharp. The mood is calm, clinical and quietly hopeful.
supplements

NMN en bloeddruk: 10 gecombineerde trials, 60-plussers dalen het meest

BY NOVA CHEN ·

Een nieuwe meta-analyse in *Nutrients* combineerde tien gerandomiseerde trials met NMN, de populaire NAD+-precursor, om te onderzoeken of het de bloeddruk beïnvloedt. Bij 349 deelnemers verlaagde NMN de diastolische druk bescheiden met ongeveer 2,15 mm Hg, terwijl de systolische druk niet significant veranderde. Bij volwassenen van 60 jaar en ouder daalde de systolische druk met ongeveer 3,94 mm Hg. De steekproef is echter klein, de analyse gebruikte een common‑effects model, en de auteurs beschouwen het bewijs als voorlopig. Hieronder leggen we uit wat de cijfers betekenen, wat ze niet betekenen, en waarom NMN geen vervanging is voor bloeddrukmedicatie.

Approach: the human outcome. Palette: natural.

A tight, low-angle shot of an elderly person's hands gripping a smooth wooden cane at the top of a sunlit garden path. The hands are weathered and slightly tremulous, with visible veins and thin, spotted skin. Behind them, the blurred figure of a seated older man in a cardigan is just recognizable, with his face out of frame. Warm late-morning daylight comes from the side and picks out the grain of the wood and the texture of the skin. The background is soft green foliage and a gravel path in shallow depth of field. The tones are plant greens, honeyed wood and natural skin. A single fresh leaf in vivid electric green sits in the lower foreground. The mood is quiet, honest and reflective, and it suggests fragility without drama.
longevity

Senioren met frailiteit hebben lager bloed‑NAD+. Wat betekent dit voor NMN en NR?

BY HELIX WARD ·

Een nieuwe GeroScience‑studie onder 529 oudere Japanners toonde aan dat personen met frailiteit iets lager NAD+ in hun bloed hadden, met ongeveer 13 % minder kans op frailiteit per 1 µmol/L stijging. Het verband verdween bijna na correctie voor hematocriet, wat suggereert dat de samenstelling van bloedcellen een deel van het effect kan verklaren. Hieronder lees je wat de bevindingen echt zeggen, waarom ze niet aantonen dat NMN of NR frailiteit voorkomen, en waar je op moet letten als je NAD‑precursoren overweegt.

Approach: conceptual metaphor. Palette: bold color field.

Subject: two identical brushed-steel analog pressure gauges side by side on a saturated mustard-yellow seamless backdrop, shot straight-on at eye level with a 85mm lens. The left gauge's needle swings down toward the low end, the right gauge's needle swings up into the high end, so they point in opposite directions. The dials are blank, with only unlabeled tick marks. A tiny electric green glass indicator lamp glows on the left gauge's rim. Lighting is a large softbox from the upper left, giving crisp highlights on the chrome bezels and short, clean shadows on the yellow surface. Shallow depth of field softens the background edges. Mood: playful, precise and tense, a visual argument between two opposing results.
longevity

NR verlaagt de epigenetische leeftijd van spierweefsel; HIIT duwt die in de tegenovergestelde richting

BY HELIX WARD ·

Zowel nicotinamide‑riboside (NR) als high‑intensity interval training (HIIT) worden geprezen als manieren om spieren jong te houden. Een nieuwe studie in *Aging Cell* laat echter zien dat deze interventies de epigenetische klokken van spierweefsel in tegenovergestelde richtingen kunnen bewegen. Vijf maanden NR‑suppletie waren geassocieerd met een vertraging van de spier‑epigenetische veroudering (met name op de PCHannum‑, MEAT‑ en DunedinPACE‑klokken). HIIT daarentegen versnelde de veroudering volgens de DunedinPACE‑klok. De mogelijke gemeenschappelijke factor lijkt mitochondriale inhoud te zijn, omdat veranderingen hierin correleerden met de MEAT‑klok. Hieronder vind je wat de studie wel en niet laat zien en hoe je de resultaten kunt interpreteren zonder overreactie.

Approach: Macro science, with a Bold color field palette.

Extreme close-up microscopy-style image of a single microglial cell with fine, branching processes, rendered with the real texture of fluorescence-stained tissue: translucent, slightly granular cell body, delicate ramified arms reaching across the frame. Shot from straight overhead through a microscope objective with shallow depth of field, so the outer branches soften into blur. The cell is a luminous, warm ivory-white with a few small electric green (#00e676) points of light along its branches. Behind it is a saturated, even magenta backdrop with subtle tissue grain. Lighting is crisp and backlit, with gentle glow around the edges and no harsh shadows. The mood is curious and precise, with a quiet sense of renewal. No text or labels.
longevity

Muizenstudie: NR verplaatste verouderde hersencellen naar een jeugdiger profiel

BY NOVA CHEN ·

In een nieuw GeroScience‑onderzoek kregen 22‑maanden‑oude muizen acht weken lang nicotinamide‑riboside (NR). Ze scoorden beter op geheugen‑ en nestbouwtests en hun hersen‑immuuncellen leken op die van jonge muizen. Het betreft een muizenstudie, dus de resultaten gelden niet automatisch voor mensen. De dosis was 400 mg/kg, ver boven de hoeveelheden die mensen innemen, en de samenvatting meldt alleen mannelijke muizen.

This page is available in